Blog van een stadspsycholoog (9)
| De VPRO besteedt in september twee weken lang aandacht aan de stad. Met een weblog onder de noemer 'De Eeuw van de Stad' vestigen zij hier nu al de aandacht op. Sander van der Ham schrijft hiervoor een reeks blogs over de stadspsychologie. Lees hier de negende blog. |
Het woord is aan de stadspsycholoog Sander van der Ham. Hij leidt je elke twee weken langs de raakvlakken tussen psychologie en stedelijke ontwikkeling. Daarbij staat maar één vraag centraal: Hoe ervaren en gebruiken mensen de stad? Vandaag het laatste deel van zijn negendelige reeks: trots in de stedelijke ontwikkeling.
Trots
Trots! We kennen het allemaal. Na jaren studeren eindelijk die bul gehaald. Of weken achtereen getraind voor de marathon om vol trots na 42 kilometer uitgeput over de finish te komen. Zelf kun je ook momenten bedenken wanneer je trots was. Dat zal vaak na een grote inspanning of lange tijd hard werken zijn geweest. En soms ben je ook trots omdat je iets gedaan hebt waar je tegenop zag.

In deze laatste blog zoek ik naar het hoe en wat van trots bij stedelijke ontwikkeling. Trots is een emotie die een belangrijke rol lijkt te spelen en op meerdere niveaus terug is te vinden. Van bewoners in buurten tot de wijkbeheerder en van de architect tot de beleidsmedewerker bij de gemeente. Al deze personen zoeken naar waardering voor het werk dat zij doen in de buurt. Trots speelt hierbij een grote rol.
Trots als emotie
Trots is een emotie die relevant is voor het begrijpen van mensen. Emoties hebben in algemene zin een adviserende rol. In situaties waarin we beslissingen moeten nemen leiden emoties ons gedachteproces. Dit heeft consequenties voor de beslissingen die we uiteindelijk nemen en ons gedrag.
De psychologie maakt onderscheid tussen twee vormen van trots. De eerste vorm heeft vaak negatieve associaties. Dit is de trots die ontstaat als gevolg van een positieve kijk op de eigen persoon waar geen daden aan ten grondslag liggen. Dit roept gevoelens van arrogantie bij anderen op. Met problemen in de sociale interactie als gevolg (Williams & DeSteno, 2008).
De tweede vorm van trots heeft juist een positieve uitwerking op zowel de persoon zelf als de ander. Deze trots is het resultaat van lang hard werken om een doel te bereiken, of om een vaardigheid of talent te ontwikkelen. Wanneer de persoon het doel haalt dan is dit een beloning voor het harde werken en de ervaring van trots. Deze vorm kan mensen juist verbinden.
Williams & DeSteno (2008) onderzochten welke uitwerking trots heeft op de persoon en op de sociale omgeving van die persoon. Zij nodigden een aantal proefpersonen uit om een puzzel op te lossen met twee anderen. Voordat zij deze puzzel oplosten werd hen een aantal computertaken voorgelegd. De helft van de proefpersonen kreeg vervolgens te horen dat ze bovengemiddeld gescoord hadden, de andere helft kreeg geen uitslag te horen.
Het bleek dat de proefpersonen die trots ervoeren sneller de leiding namen bij de puzzel. Deze dominantie, zoals de onderzoekers het omschreven, ervoeren de twee andere groepsleden als aangenaam.
Trots kan dus tot positieve sociale effecten leiden. Dit maakt trots daarom een belangrijk element in de sociale interactie. Een gedeelte van het ervaren van trots ligt namelijk in de reactie die anderen tonen op het halen van dit doel. Stel je bijvoorbeeld voor dat je vindt dat je goed kunt voetballen. Je ervaart trots wanneer je juichend over het veld rent nadat je gescoord hebt. Stel je nu een scenario voor dat je vrienden net als jij, volledig ondersteboven zijn van jouw voetbalkunsten, zal je gevoel van trots dan toenemen of juist afnemen? En wat gebeurt er bij het omgekeerde scenario, dat je vrienden een volgende uitnodiging om je voetbalkunsten te aanschouwen gegarandeerd afslaan?
Juist wanneer je sociale omgeving jouw gevoel van trots bekrachtigt, zul je eerder geneigd zijn je vaardigheden en talent verder te ontwikkelen. Trots heeft dus een belangrijke functie voor de langere termijn.
Trots in de stedelijke ontwikkeling
Ook in de stedelijke ontwikkeling speelt trots een grote rol. Bij de meeste Vogelaarwijken bijvoorbeeld is niet de bouwkundige staat van de woningen een reden om te vernieuwen. In deze wijken wonen vaak veel bewoners die er niet uit vrije wil zijn gekomen of bewoners die er al langer wonen en de wijk achteruit zagen gaan. Zij praten dan liever ook niet over de eigen wijk en sturen hun kinderen vaak naar scholen buiten de buurt. Het ontbreekt hen aan trots.
Dit leidt tot de vraag wat er nodig is dat bewoners zich weer trots voelen op hun buurt. Eerder sprak ik over het project de Unieke Brink in Enschede. Dit project is een goed voorbeeld van de kracht die trots kan spelen in de stedelijke ontwikkeling.
De bewoners van de brinken werden gezamenlijk verantwoordelijk voor het ontwerp van hun brink onder begeleiding van een ontwerper. Bewoners bepaalden de sfeer en de identiteit die hun brink zou moeten hebben. Ook werden ze van het begin af aan mede verantwoordelijk gemaakt voor het beheer van hun brink. Hiermee worden bewoners in feite de opdrachtgever. Dit veroorzaakte het gevoel van betrokkenheid en verantwoordelijkheid en dus trots op wat gezamenlijk bereikt werd. De bewoners voelden zich erkend in het feit dat ze als gebruiker het beste weten hoe hun gezamenlijke voortuin (brink) er uit zou moeten zien.
Trots beperkt zich niet tot verantwoordelijkheid bij een project. Het speelt ook een rol in hoe stadsbewoners zich met hun omgeving identificeren. Vaak heeft dat te maken met een verleden, bepaalde iconen of sociaal gezien belangrijke gebeurtenissen. Bij de laatste twee kun je denken aan Johan Cruyff die uit Betondorp komt, een groot evenement of demonstratie die je hebt bijgewoond of de Zwaan in Rotterdam die als icoon het centrum en zuid verbindt.
De discipline van de cultuurhistorie legt zich toe op hoe het verhaal van het verleden kan doorklinken in de toekomstige nieuwe ontwikkeling van stadsgebieden. Voor de nieuwe plannen van het Museumplein in Amsterdam is bijvoorbeeld eerst uitgebreid bestudeerd hoe deze ruimte in de afgelopen eeuw is ontstaan, wat daarbij de ontwerpideeën waren en welke betekenis deze ruimte door de decennia heen heeft gehad voor het gebruik van de stad. De Tentoonstelling Museumplein is hier een voorbeeld van. In feite is dit het opnieuw uitvinden van elementen uit het verleden om trots op te zijn, in plaats van de stad door sloop-nieuwbouw als een tabula rasa te behandelen.
Tenslotte speelt trots ook een rol in het voortbouwen op wat authentiek is in een stadsgebied, om dat verhaal vervolgens vaak ook duidelijker naar buiten te vertellen. Hierover gaat de wereld van de branding, het blootleggen en verder ontwikkelen van de merkwaarden van stadsgebieden. Steden en stadsgebieden concurreren nu eenmaal met elkaar, en het uitventen van datgene waar je trots op bent speelt daarin een belangrijke rol.
Trots is dus een belangrijke emotie in stedelijke ontwikkeling. Toch is het zelden de vraag aan het begin van een nieuw project. Welke opdrachtgever durft het aan om als opdracht te geven: hoe zorgen we dat de stadsbewoners weer trots worden?
Meer weten
Dit is de negende blog uit een negendelige reeks.
- Lees hier de eerste blog - Psychologie ontmoet stad
- Lees hier de tweede blog - De stad zien, horen en ruiken
- Lees hier de derde blog - Stedelijke kilte - de stad negatief beleven
- Lees hier de vierde blog - Stedelijke warmte - betrokkenheid bij het publieke domein
- Lees hier de vijfde blog - van publiek naar prive
- Lees hier de zesde blog - stedelijke drukte
- Lees hier de zevende blog - Sociale netwerken bij stedelijke vernieuwing
- Lees hier de achtste blog - Aandacht voor de gebruiker
- Lees hier de negende blog - Trots in de stedelijke ontwikkeling
Bekijk ook eens de weblog van 'De Eeuw van de Stad'.
Wilt u meer weten over de stadspsychologie, neem dan contact op met Sander.