Een stadion als katalysator van stedelijke vernieuwing?
Willem Smink liep stage bij Stipo. Hier werkte hij aan verschillende opdrachten om ervaring op te doen in de praktijk van de stedelijke ontwikkeling. Na zijn stage schreeft hij voor zijn opleiding Ruimtelijke Ordening & Planologie aan de Hogeschool Utrecht een scriptie over het verband tussen (nieuwe) stadions en stedelijke vernieuwing. Voetbal is uitgegroeid tot een internationale, cultuur overschrijdende sport. Het belang van de sport voor en in de maatschappij zien we onder andere terug in de stadions die gebouwd worden. Niet alleen de sport komt steeds meer in het midden van de maatschappij te staan, maar ook de plek waar deze sport beoefend en aanschouwd wordt.
De stedelijke ontwikkeling heeft zich tot nu toe laten leiden door de bouw van deze stadions. Uit deze engiszins passieve houding ontstonden ook problemen. Dit terwijl er juist voor de stedelijke ontwikkeling veel kansen liggen bij de ontwikkeling van deze sportgelegenheden in stedelijke gebieden. De onderzoeksvraag luidt daarom:
‘Op welke wijze kan de ontwikkeling van een stadion dienen als katalysator van stedelijke vernieuwing en in hoeverre zijn de stadionontwikkelingen in Amsterdam, Seattle, Parijs, Cardiff en Phoenix exemplarisch daarvoor?'
De scriptie is volledig gebaseerd op bestaande literatuur binnen het vakgebied, er is geen aanvullend onderzoek gedaan.
Stedelijke vernieuwing
De term 'stedelijke vernieuwing' is een centraal begrip in deze scriptie, zoals blijkt uit de onderzoeksvraag. Een duidelijke definitie van dit begrip is van belang, zodat duidelijk wordt wat er wel en niet als stedelijke vernieuwing wordt aangemerkt.

Stadion in Cardiff. Bron foto links - Martinrp; foto rechts - Jon Candy.
Stedelijke vernieuwing richtte zich er in eerste instantie op ruimtelijke problemen op te lossen door middel van fysieke ingrepen. Tegenwoordig is de stedelijke vernieuwing meer een integrale aanpak. Winsemius onderstreepte dat in de Toekomstverkenning Stedelijke Vernieuwing van 2006, door de vijf belangrijkste onderdelen van stedelijke vernieuwing te noemen: wonen, economie, leefomgeving, openbare ruimte en voorzieningen. Uit deze opsomming blijkt de breedte van het begrip stedelijke vernieuwing.
Het laat aan de andere kant ook ruimte de definitie op verschillende manieren te interpreteren. In dit onderzoek wordt daarom de definitie van het KEI als uitgangspunt genomen: ‘Het door publieke en private partijen gebiedsgericht ontwikkelen van het wonen, de woonomgeving en de leefomgeving in wijken en buurten in de stad om ze duurzaam vitaal te maken en haar bewoners de mogelijkheid te bieden maatschappelijk vooruit te komen.'
Stimulerende en repressieve ontwikkelingen
In dit onderzoek worden met behulp van de vijf kernbegrippen van Winsemius de stimulerende en repressieve ontwikkelingen die een stadion veroorzaakt beschreven. Een stimulerende ontwikkeling is bijvoorbeeld de publiekstrekkende kracht die een stadion bezit. Het stadion is hierdoor een economische motor voor de omliggende buurten. Daarnaast speelt de locatie van een stadion ook een belangrijke rol. Zo liggen er kansen in gebieden met een sociale achterstand, de zogenaamde ‘deprived neighbourhoods'. Repressieve ontwikkelingen, aan de andere kant, zijn onder meer de (vaak matige) integratie van een nieuw stadion in de bestaande stedelijke omgeving en de grote financiële onzekerheid die de bouw van een stadion met zich meebrengt. Opbrengsten zijn vaak indirect en moeilijk meetbaar, terwijl de kosten erg hoog zijn.

De Arena Boulevard, naast de Amsterdam Arena.
Kritische voorwaarden
Uit de stimulerende en repressieve ontwikkelingen van een nieuw stadion voor stedelijke vernieuwing, worden vervolgens in hoofdstuk 3 randvoorwaarden afgeleid. Dit zijn kritische voorwaarden waaraan een nieuw stadion moet voldoen zodat het waarde heeft voor de stad. Kritische voorwaarden zijn bijvoorbeeld ‘het creëren van een dynamische omgeving' en ‘bundeling met stedelijke vernieuwingsprojecten'. Voldoen aan deze voorwaarden vergroot de kans dat het stadion ook voor de directe omgeving een blijvende meerwaarde is.
Praktijkvoorbeelden
Vervolgens worden vijf praktijkvoorbeelden tegen deze kritische voorwaarden afgezet. Bekeken wordt in hoeverre de Amsterdam ArenA (Amsterdam), Qwest Field (Seattle), Stade de France (Parijs), Millennium Stadium (Cardiff) en Chase Field (Phoenix) aan de voorwaarden voldoen. Uitschieters hierin zijn de stadions in Seattle en Cardiff. Qwest Field blijkt te voldoen aan zes van de zeven voorwaarden, zodat het vrijwel zeker een katalysator vormt voor stedelijke vernieuwing. Het stadion in Cardiff, gebouwd in het central business district, is het tegenovergestelde en voldoet aan slechts één voorwaarde.

Bron: Links - Chase Fields (Phoenix), door Alan Levine; Rechts - Qwest Field (Seattle), door Seattle Municipal Archives.
Een nieuw stadion dat in een bestaande stedelijke omgeving wordt gebouwd kan een rol vervullen als katalysator van stedelijke vernieuwing. Het is dan wel van groot belang dat dit vooraf wordt onderkend. Dan kan namelijk vooraf worden bekeken aan welke voorwaarden moet worden voldaan. Qwest Field is hier een goed voorbeeld van.
Meer weten
Voor meer informatie over de scriptie kunt u contact opnemen met Willem Smink. Klik hier om hem een e-mail te sturen.
Jeroen Laven van Stipo begeleidde Willem tijdens zijn stage. Klik hier voor meer informatie over Jeroen. Of klik hier om hem een e-mail te sturen.
Download hier de scriptie van Willem Smink.