Vijf publieke ruimtes vanuit het perspectief van ontwerpers, beheerders en gebruikers
Het Common Grounds project is uitgevoerd door NEL, een samenwerkingsverband tussen Neeltje ten Westenend (Bureau ten Westenend), Ester Heiman (Stipo) en Leeke Reinders (OTB TU Delft).
Publieke ruimte staat in de belangstelling; niemand ontkent het grote belang ervan voor het functioneren van een samenleving. Tegelijkertijd leggen steeds meer mensen hun eigen normen en waarden op aan de publieke ruimte, met alle conflicten tussen groepen vandien. NEL onderzocht in opdracht van Primo nh en het SEV in het kader van het project ‘Buitenruimte Binnenboord' vijf zogenaamde haperende plekken. Plekken die niet werken zoals ze ooit bedacht zijn.
De focus van het onderzoek lag op het gebruik en de beleving van vijf plekken, zowel door bewoners als professionals. Daarbij wilden we de werking van de plek in kaart brengen door vanuit drie verschillende domeinen te kijken:
- het perspectief van de planners
- het perspectief van de beheerders
- het perspectief van de gebruikers
De onderzochte plekken
De plekken die we onderzocht hebben zijn: Willem Alexanderplantsoen in Beverwijk, Oase Nieuw Den Helder in Den Helder, Skateplek A8ernA in Koog aan de Zaan, Holenweg (en aangrenzende tuinen) in Hoorn, Leonardo da Vinciplein in Haarlem.

Bij elke plek onderzochten we deze drie perspectieven vanuit verschillende onderzoeksmethodes: (straat)interviews met bewoners en professionals, observatie,mental maps en film en fotografie. Door een plek steeds vanuit verschillende gezichtspunten te benaderen, ontstaat een rijk gelaagd beeld over de werking van publieke ruimte als professioneel domein en alledaagse ruimte. Er ontstaat als het ware een 3D portret van elke plek.
De bedoeling van het project was om het publiek te prikkelen vanuit andere perspectieven dan de eigen gangbare naar publieke ruimte te kijken. De wisseling in perspectief geeft ook een scherp inzicht in de succesfactoren en valkuilen van het ontwikkelingsproces van publieke ruimte.
Conclusies
Een van de belangrijkste conclusies van het onderzoek ging over publieke ruimte als proces. Publieke ruimte als plaats gaat niet alleen over de fixatie van gebouwen en ruimtelijke infrastructuur, maar vooral om de sociale relaties die er mee verbonden zijn. De titel ‘common grounds' verwijst ook naar een tactiek om vanuit verschillende belangen toch gebruik te maken van een zelfde stukje grond. Een plaats heeft geen eenduidige en vooraf gegeven identiteit, is niet iets vaststaands, gefixeerds en omgrensd, maar wordt altijd gevormd door verschillende (en soms conflicterende) spanningen waartussen onderhandeld moet worden. Juist als een nieuwe plek opgeleverd is of overlast geeft, als er sprake is van een haperende plek, komt het er op aan. Zijn we in staat om publieke ruimte, common ground, te vinden met elkaar? De spanning tussen het formele en het informele en de vaardigheid om hiertussen te onderhandelen, vormt een centraal element in de presentatie van de vijf plekken.
Het onderzoek leverde een beeldende presentatie op die een alternatief vertoog over publieke ruimte agendeert. Dit product vormt de input voor een aantal werkateliers die begin 2011 door het SEV georganiseerd worden. Daarna zal er een publicatie volgen van het hele traject.
Meer weten
Contactpersoon: Ester Heiman
Klik hier om Ester een mail te sturen
Of klik hier voor de contactgegevens van Stipo